Michael Mann’s The Keep (25th Anniversary)

Vrijdag 28 maart organiseerde het 26e BIFFF een zeer unieke projectie van een van de best bewaarde geheimen uit de Hollywoodarchieven.

2

Dit jaar is het immers 25 jaar geleden dat de nu alom geprezen regisseur Michael Mann zijn ‘The Keep’ op de mensheid losliet. Destijds flopte de film echter hopeloos omwille van een te grote cinematografische ambitie van de regisseur, een overschatting van de openheid van het publiek en een schandelijke verminking door de studiobazen tot een compleet incoherente cut van 97 minuten. Bijgevolg werd de film in de vergeetput gedropt en lijkt niemand in Tinseltown geneigd er ooit nog iets mee aan te vangen – zelfs Mann niet, die niet graag aan deze film herinnerd wordt hoewel hij er toen maar wat trots op was. En dat is jammer, want wie aanwezig is op een van die vertoningen die af en toe georganiseerd worden op evenementen zoals het BIFFF, krijgt een hint van de monumentale visie die Mann voor ogen had in zijn oorspronkelijke versie van naar verluidt meer dan drie uur. Hoewel fans al jaren schreeuwen om een officiële DVD-release (en liefst dan nog een Director’s Cut), valt deze roep voorlopig nog altijd in dovemansoren. ‘The Keep’ is tot dusver de enige film uit het oeuvre van Michael Mann die nog niet officieel op DVD is uitgebracht, en dat is redelijk bizar aangezien zelfs nog obscuurdere tv-films als ‘The Jericho Mile’ of ‘LA Takedown’ nu zonder problemen te verkrijgen zijn. Op de hiernavolgende pagina’s zullen we proberen een en ander toe te lichten en wat meer uitleg te geven over deze zeer hermetische maar tezelfdertijd ook zeer fascinerende en esthetische filmparel.


‘The Keep’ vertelt het verhaal van een groep Nazi-soldaten die tijdens WO II een Roemeense bergpas bezetten en hun intrek nemen in een mysterieuze burcht. Ondanks de waarschuwing van enkele locals om uit de burcht te blijven, slaan de nazi’s toch hun tenten op binnen de muren, die zodanig geconstrueerd zijn dat ze iets binnen lijken te houden i.p.v. buiten. Wanneer op schatten beluste Duitsers de zilveren kruisen van de muren halen, doorbreken ze een betovering die een duistere kracht in bedwang hield. Vanaf dan worden er dag na dag Duitsers vermoord op bizarre wijze. De officieren hebben niet meteen door dat er een bovennatuurlijke kracht aan het werk is en denken dat plaatselijke partizanen de aanslagen plegen. De legerleiding stuurt een bijkomende divisie SS’ers naar het dorp om orde op zaken te stellen. Deze zijn nog veel erger dan hun andere landgenoten en meteen worden een aantal Roemenen gefusilleerd om een voorbeeld te stellen. De duistere entiteit in de burcht neemt echter enkel in kracht toe en manifesteert zich als Molasar. Intussen zijn ook een aantal andere personages op het terrein verschenen: Ian McKellen als Dr. Cuza, een kreupele expert in Middeleeuwse talen en lettertekens en Scott Glenn als de mysterieuze Glaecken Trismegatus, die uiteindelijk Molasar zal bestrijden en minnaar wordt van Dr. Cuza’s dochter Eva.

Wie de ingekorte film gezien heeft zal beamen dat de plot heel complex en moeilijk te volgen is. Op de keeper beschouwd is er zelfs geen centraal hoofdpersonage, wat wijst op een zeer afwijkende narratieve structuur. Bovendien zijn essentiële subplots die de conflicten en de relaties tussen de personages verklaren in deze versie gewoon weggelaten. Het verteltempo ligt immens hoog en de scènes worden voortdurend op zeer abrupte wijze afgebroken, sterk conflicterend met de bezwerende en trage cameravoering en sfeerschepping. Geen wonder dus dat het publiek massaal wegbleef – de film kreeg in Europa nauwelijks een fatsoenlijke cinemarelease – en ook de marketing zat compleet fout. Laten we even nagaan wat Mann eigenlijk met deze film voor ogen had.

Michael Mann wou met ‘The Keep’ iets totaal nieuws proberen. Hij wou experimenteren met de cinematografische middelen, om de toeschouwer een andersoortige, meer intense cinema-ervaring te laten beleven via een doorgedreven samengaan van beeld en geluid. Om dit ambitieuze doel te realiseren koos hij voor de verfilming van het shock horror boek ‘The Keep’ van F. Paul Wilson. Hierin vond Mann het materiaal waar hij naar zocht. Naast een experimentele vorm wou hij op inhoudelijk vlak immers een filosofische-politieke-religieuze studie maken over de verleiding van het Kwaad. Hij vulde dit concreet in door na te gaan hoe het kwam dat de Duitsers verleid werden door de nazi-ideologie en nadien tot de grootste misdaden in staat waren. In feite zijn er op allegorisch niveau twee metaforen in ‘The Keep’ die door elkaar verweven zijn en iets vertellen over de verleiding van het kwade en de gevolgen daarvan. Een veelgestelde vraag bij historici is in welke psychologische staat het Duitse volk zich bevond om de Nazi’s te kunnen omarmen. Als antwoord hierop wordt vaak verwezen naar de vernedering door het verdrag van Versailles op het einde van WO I (wat meteen de kiemen legde voor WO II), het corrupte en niet door de bevolking gedragen Weimarregime en de economische crisissen van de jaren twintig die voor een torenhoge inflatie en massawerkloosheid zorgde. Het Duitse volk zat in een diep dal en dit wordt in ‘The Keep’ vormgegeven door de figuur van Dr. Cuza, die in het begin een kreupele oude man in een rolstoel is en alleen bekommerd om het overleven van zijn nageslacht (zijn dochter) Op een bepaald moment vertoont Molasar zich op een ‘verleidelijke’ manier aan Dr. Cuza: Molasar is op dat moment nog niet het donkere gedrocht zoals op het einde maar een helwitte wolk die uit de hemel lijkt te komen – zeer passend begeleid door triomfantelijke, hemelse koralen uit de synthesizers van Tangerine Dream. Dr. Cuza raakt helemaal in de ban van deze verleidelijke figuur die hem terug kracht bezorgt en belooft hem te zullen bevrijden van de verantwoordelijken die hem in een rolstoel deden belanden. Metaforisch gezien staat Dr. Cuza dus voor het gebroken Duitse volk dat verleid wordt door Hitler (die later het pure Kwaad zal blijken) en in de ban geraakt van mooie beloftes en van de vernietiging van de externe vijanden die verantwoordelijk geacht worden voor de huidige situatie.

k3

Daarnaast zien we in ‘The Keep’ ook de gevolgen van de verleiding door het kwaad in de figuren van de Duitsers, die elk een aparte fase van pervertering voorstellen. Op die manier toont de film ons de vrij unieke tegenstelling tussen Goede Duitsers en Slechte Duitsers (maar al te vaak worden in WO II-films alle Duitsers over dezelfde Slechte kam geschoren) waarin de Nazi’s zelfs in de slachtofferrol geduwd worden – toch een opmerkelijk gegeven voor een regisseur die zelf joods is. Onder de Duitse soldaten maken we kennis met de humane officier Woermann, gespeeld door Jürgen Prochnow (die ook aanwezig was op het BIFFF), de Duitse soldaten die stelen en verkrachten en tenslotte de ergste van allemaal, de SS’ers onder leiding van Kaempffer, gespeeld door een ijzingwekkende en genadeloze Gabriel Byrne. Ook hier zien we een afspiegeling van historische evoluties: de euforie van de aanvankelijke overwinningen, daarna het sluipende besef bij de enen dat het fascisme geen bevrijding maar juist het ergste kwaad over de wereld brengt, en het verdergaande verderf en moreel verval bij de anderen die verslaafd geraken aan hun dominante positie, tot in het geesteszieke toe – zoals in de nadagen van het Nazi-regime in mei 1945 (denken we bijvoorbeeld maar aan de gebeurtenissen zoals getoond in de film ‘Der Untergang&rsquoWinking

De figuur Molasar fungeert hierbij als een weerspiegeling van de kwaadaardigheid van de Duitsers. Hoe groter hun misdaden, hoe krachtiger hij wordt. Bij het bekampen van het Kwaad komen we stilaan ook bij de religieuze dimensie van de film. Vooral deze component is gesneuveld in de montage, maar we krijgen toch enkele hints. Er zijn de religieuze discussies tussen de priester Fonescu en Dr. Cuza over de aard van het kwaad: God die de mens de keuze laat versus het goddeloze universum waarin het kwaad, de condition humaine, in iedere mens vervat zit. Daarnaast is er de zwijgzame Glaecken die als een Messias de strijd aangaat met Molasar. Op het einde worden de twee in een zee van licht in de muren van de burcht gezogen en is de afloop ambigu. In de oorspronkelijke versie zou er nog een uitgebreid gevecht geweest zijn tussen de twee, waarbij ze helemaal bovenaan de burcht belanden en tenslotte beiden meegesleurd worden in een val – een strijd die heel duidelijk verwijst naar het Hemelse oergevecht tussen de aartsengel Michael en de Duivel. Dit kunnen we helaas niet zien maar de foto’s die hiervan circuleren zijn alleszins veelbelovend.

De inhoudelijke rijkdom van deze prent wordt ook doorgetrokken in de cinematografie. Omdat de psyche van nazi-Duitsland inhoudelijk centraal staat grijpt Michael Mann ook visueel terug naar die periode uit de filmgeschiedenis waarin de Duitse film de gebroken staat van het Duitse volk vormgaf, het Duitse Expressionisme van de jaren ’20 dus. Hij maakt veelvuldig gebruik van rookeffecten en schaduwen en scherpe visuele contrasten tussen donker en licht. Bovendien is er in de hele film werkelijk geen enkele rechte lijn te zien, alle beeldlijnen zijn schots, scheef en verwrongen. Daarnaast wou Mann de kijker ook een unieke audiovisuele beleving bezorgen. Hij baseerde zich op een definitie van sprookjes, die volgens kinderpsycholoog Bettelheim “complexe fabels met een moraal” zijn “voor jong en oud, en die, in tegenstelling tot mythen – die gebouwd zijn rond duidelijk herkenbare helden en vaak tragisch eindigen – universeel, veralgemenend en zeer moraliserend zijn”. In die zin is de eindstrijd tussen Goed en Kwaad dus niet zo vergezocht zoals critici destijds meenden. Naast een moraliserend sprookje met veel bovennatuurlijke elementen is de film is opgevat als één grote surrealistische droom, met weinig verklaringen, vreemde personages, een aparte narratieve logica en onwerkelijke effecten zoals vertraagde beelden op dramatische momenten. De camera glijdt met de personages mee en de belichting is bewust onder- en overbelicht. Ook de vertelstijl is heel afstandelijk en ook dat is een kenmerk van de Duitse films uit die tijd. Alleen al de eerste tien minuten van ‘The Keep’ zijn apart en heel bevreemdend. Vanuit een mistig en bebost berglandschap doemen langzaam enkele trucks op, die een dorp binnenrijden dat uit een sprookje lijkt te komen. Deze minutenlange sequentie is heel rustig opgebouwd, met trage beeldwissels en monotone muziek prominent op de voorgrond. De kijker wordt als het ware gehypnotiseerd om hem/haar mentaal voor te bereiden op een dromerige trip door een surreëel universum.

De verweving van de ijle en repetitieve muziek van Tangerine Dream is in ‘The Keep’ zeer goed geslaagd. Dit aspect valt bij een projectie op groot scherm met een luide geluidsinstallatie des te meer op. Beeld en geluid vormen één geheel op een manier die je maar zelden in de cinema ziet, een unieke combinatie, een dromerig totaalspektakel dat verwart maar ook fascineert door zijn enorme esthetische kwaliteiten. Het is een essentieel element om de ‘dreamlike qualities’ van de film te bereiken, waardoor de film veeleer een allegorisch sprookje voor (cinefiele) volwassenen wordt dan het door de studio beoogde fantasy-horrorspektakel voor popcornvreters. Zeker in die laatste optiek is ‘The Keep’ een ‘tegenvaller’. Er is nauwelijks echte actie en de horror is serieus beperkt. We zien geen bloederige close-ups, alleen de restanten van verkoolde lichamen, die geïnspireerd zijn op foto’s van dode soldaten in uitgebrande tanks van WO II. Het is maar een van de vele details in de vormgeving van ‘The Keep’ die duidelijk verwijzen naar de achterliggende thematiek. Een ander voorbeeld hiervan is de uiteindelijke incarnatie van Molasar, wiens doodshoofd ook de vorm heeft van een Duitse helm (voor de liefhebbers: dit was een creatie van de Franse stripgod Enki Bilal) De enscenering is hier dus voornamelijk ingegeven door inhoudelijke motieven in tegenstelling met de loutere shockeffecten voor een horrorminnend publiek die we elders zo vaak zien (een ander voorbeeld van deze twee verschillende visies zijn de twee versies van de recente prequel op The Exorsist, Paul Schraders ‘Dominion’ en Renny Harlins ‘Exorcist: The Beginning&rsquoWinking De speciale effecten stellen echter teleur. Zelfs naar de normen van die tijd zijn ze niet goed uitgewerkt, maar dat heeft alles te maken met de dood van de special effects coördinator (Wally Veevers) in de postproductie, zodat men maar met moeite en met veel vertraging de film kon afwerken.

k1

We kunnen dus besluiten dat ‘The Keep’ een productie is die enorm te kampen had met tegenslagen. De opnames waren heel lastig door allerlei organisatorische moeilijkheden en ook de postproductie kwam ernstig in het gedrang door het overlijden van een belangrijke pion. Na een desastreuze screening voor een testpubliek besliste Paramount om de film van drie uur te reduceren tot 97 minuten, tot op heden de enige beschikbare versie. Hierdoor kunnen we maar een glimp opvangen van de revolutionaire film die een (over?)ambitieuze en visionaire regisseur voor ogen had. Het resultaat is vreselijk verminkt maar dan nog is datgene dat rest een parel voor het oog en oor. Dat doet ons alleen maar hunkeren naar een afgewerkte versie, die niet anders dan een fantastisch meesterwerk kan zijn. Het wordt tijd dat deze vergeten film eindelijk de aandacht en de erkenning krijgt die het verdient.

Gert Van den Berghe
☆☆☆☆

TECHNISCHE FICHE

Regie: Michael Mann
Scenario: Michael Mann
Producer: Gene Kirkwood & Hawk Koch
Editor: Dov Hoenig
Filmografie: Alex Thomson
Speciale Effecten: Wally Veevers

ARTISTIEKE FICHE

Scott Glenn
Gabriel Byrne
Jürgen Prochnow
Ian McKellen
Alberta Watson
e.v.a.
|