Appleseed Ex Machina

Een vaak en helaas onterecht genegeerde
animatievorm die al een hele resem topwerken
voortbracht zoals ‘Akira’, de twee
‘Ghost in the Shell’-films of
‘Princess Mononoke’. In het Verre
Oosten is anime een zeer populair en divers genre
waarvan echter alleen de toppers de oceaan
oversteken. Naast de vele pareltjes zijn er dus ook
een veelvoud aan animes van mindere kwaliteit die
in de obscuriteit blijven steken. Jammer genoeg
behoort ‘Appleseed Ex Machina’ tot die
tweede categorie. Het 26e
Belgische Internationale Filmfestival van de
Fantastische Film zette hem alsnog op de affiche.
‘Appleseed Ex Machina’ (voor de
Japanologen onder ons: ‘Ekusu makina’
in de originele titel) is eigenlijk een sequel van
een eerdere Appleseed-film die een paar jaar
geleden uitkwam. De films zijn volledig digitaal
geanimeerd en zijn gebaseerd op een mangaserie uit
de jaren ’80 van de hand van ene Masamune
Shirow. Het verhaal speelt zich af in een verwoeste
wereld na een niet-nucleaire oorlog. De utopische
stadstaat Olympus probeert de resterende mensheid
onder controle te krijgen om zo een era van vrede
en geweldloosheid tot stand te brengen. Omdat de
leiders van Olympus ervan uitgaan – terecht,
allicht – dat het de menselijke aard en meer
bepaald de gevoelens van haat en agressie zijn die
conflicten uitlokken, hebben ze geëxperimenteerd
met allerlei klonen en biotechnologie om zo de
menselijke emoties zoveel mogelijk uit te schakelen
en aldus de wereldvrede te bereiken. Op die manier
is Olympus bevolkt met verschillende
‘rassen’: mensen,
‘bioroids’ (van mensen afgeleide
klonen) en regelrechte cyborgs. Hoofdpersonages in
Appleseed zijn Deunan (mens), Briareos (een
konijnachtige Robocop-cyborg) en Tereus (bioroid).
Zij maken deel uit van het ES.W.A.T.-team, een
(welja) SWAT-team dat overal op aarde
antiterroristische acties uitvoert. Ze stoten op
een duivels plan van een mysterieuze organisatie om
meteen de hele mensheid uit te roeien in plaats van
ze louter onder controle te brengen. Onze helden
moeten met veel heroïek en vuurkracht het gevaar
bestrijden.
‘Appleseed’
is niet bepaald origineel van concept. Allerlei
plotelementen en motieven hebben we al elders (en
beter) uitgewerkt gezien. Een post-apocalyptische
grootstad (welke anime speelt zich eigenlijk niet
af in een verwoeste toekomst?), allerlei geknoei
met biotechnologie, synthetische organen en
cyborgtoestanden, hyperkinetische gevechten met
mecha’s (tweepotige machines met alle
mogelijke mitrailleurs bestuurd door een menselijke
piloot) en bullet-time beeldvertragingen. Vooral
wat die laatste elementen betreft waanden we ons
toch meermaals in ‘The Matrix
Revolutions’: de finale bestorming van een
vliegend vierkant, dat op zijn beurt refereert naar
zowel de Death Star uit ‘Star Wars’ als
de Borg Cube uit ‘Star Trek’,
resulteert in een futuristische veldslag op een
manier die wel heel erg aanleunt bij die van
‘Revolutions’. Misschien niet
verwonderlijk, aangezien de producent van de film
John Woo is, die heel wat ervaring heeft om
oosterse geïnspireerde actiefilms naar een Westers
publiek te exporteren. Dat een Chinese regisseur
zich waagt aan een oer-Japans genre is op zich al
opmerkelijk, en dan is het wel heel gemakkelijk
voor de puristen om hem als schietschijf te
gebruiken. Woo (vooral bekend van Face/Off, Broken
Arrow, The Killer) weet natuurlijk als geen ander
hoe acrobatische actieballetten in beeld te brengen
en hij heeft duidelijk zijn know-how overgezet naar
de digitale tekentafels. Zelfs zijn signatuur, de
opvliegende duiven, ontbreken niet.
We hebben dus niet echt een originele anime gezien,
maar de film heeft toch ook een paar pluspunten. De
computeranimatie staat technisch op een wel heel
erg hoog niveau en kan de concurrentie met
Hollywood zeker aan – een prestatie voor een
genre dat bijna alleen op de thuismarkt succesvol
is en qua omzet en dus productiebudgetten peanuts
is vergeleken met de globale
Hollywood-monsterproducties. Ook qua visuele
aankleding zijn de animefilms telkens toch zeer
inventief in het creëren van toekomstbeelden vol
ruïnes en tegelijk vol blinkende technologische
speeltjes. Dat moet ook, want de verhaallijnen
volgen toch heel vaak genreconventies en daarin
kunnen de makers dus het verschil niet maken.
Verder ook een pluim voor de gedurfde keuze om zeer
eigentijdse en vooralsnog zeer ondergrondse
experimentele electronica-muziek van Haruomi Hosono
in de film te gebruiken.
Voor wie niet zo vertrouwd is met anime kan
‘Appleseed Ex Machina’ wel een aanrader
zijn om eens kennis te maken met een totaal andere
vorm van animatiefilms. Voor de liefhebbers is de
film echter te conventioneel en te oppervlakkig om
de vergelijking met de echte toppers te doorstaan.
Gert Van den Berghe
☆☆
TECHNISCHE FICHE
Regie: Shinji AramakiScenario: Masamune Shirow
Producer: John Woo
ARTISTIEKE FICHE
Ai KobayashiKōichi Yamadera
Yūji Kishi
e.v.a.